Apulië

Cappuccino

Cappuccino is een hoofdstuk uit het boek Lekkerissimo geschreven door Frans van Munster, hierin staan leuke korte verhalen over zijn leven in Apulië, waar hij samen met zijn Italiaanse vrouw in een trullo woont, dit alles afgewisseld met heerlijke recepten:

Vorig jaar kwam mijn vriend Rob een tijdje bij ons logeren. Het is een grote luxe om iemand een verblijf in een paradijselijke omgeving te kunnen aanbieden en samen van het land, het eten en de wijn te genieten. Om ons te bedanken voor de gastvrijheid nodigde hij ons uit om ergens een pizza te gaan eten. We hebben een paar adressen waar we altijd tevreden over zijn, maar dit keer besloten we eens een andere pizza uit te proberen. Onze keuze viel op Da Gino in Ceglie. Het was nog vrij vroeg op de avond en vaak heeft het dan nog geen zin om een pizzeria binnen te gaan, want de oven wordt pas om een uur of acht aangestoken. Er was nog niemand, maar we mochten binnenkomen. Toen we eenmaal aan het tafeltje zaten viel me op hoe ontzettend lelijk het interieur was. Met zorg waren sombere tinten bruin voor de muren uitgekozen, om ze goed met het oranje van de gordijnen te laten vloeken. Iemand was lang bezig geweest met boomstammetjes en lijm om er de meest afzichtelijke- tja, wat waren het- ‘wandconstructies’ van te fabriceren. Hier en daar hing een koperen pot of een stoffige pijl-en-boog uit een ver koloniaal verleden. Het werd me somber te moede. Maar we lieten ons niet meteen uit het veld slaan. Misschien kregen we een goddelijke pizza te eten die ons alles zou doen vergeten. Na een tijdje verscheen er een ober. Een al wat oudere, licht verzuurde man met kleine, grijsachtige krulletjes. Hij bekeek ons alsof we zojuist uit een beerput waren komen kruipen. We kregen desondanks de kaart en maakten een keuze. Een goed Italiaans gebruik is om een groot glas koud bier bij de pizza te drinken.

We haalden herinneringen op. Aan onze studie aan het Alkmaars Conservatorium, waar Rob piano studeerde en ik cello. We hadden allebei ons oog op hetzelfde meisje laten vallen, maar Rob was me te snel af geweest. En we spraken over de allereerste keer dat hij Anna en mij in Italië was komen opzoeken omdat ik een schnabbeltje voor ons tweeën had geregeld op Sicilië. Anna mocht ook mee. Ons was een geheel verzorgd verblijf beloofd op het eiland Vulcano, in een viersterrenhotel aan zee, en een riant salaris. De eigenaar van Les Sables Noir bleek een kleine dikke maffioso te zijn, die ons in een uit golfplaat opgetrokken kippenhok wilde laten slapen en ons pasta liet eten die normaal gesproken aan de hond wordt gevoerd. Toen we een glas wijn bij de maaltijd hadden gevraagd, kon daar geen sprake van zijn. ’s Avonds speelden we in een geheel verlaten zaal met uitzicht op zee ‘Dansez maintenant’. Na vier dagen hielden we het voor gezien. Het was alleen aan het heldhaftige optreden van Anna te danken dat we een klein deel van het salaris konden incasseren.

Het bier smaakte goed, en onze pizza’s kwamen gelukkig al snel. Terwijl we aten, sloop de ober af en toe langs onze tafel met zijn blik naar voren gericht, om dan plotseling het hoofd met een ruk naar ons toe te draaien en ons angstaanjagend aan te kijken. ‘Alles naar wens?’ ‘Ja, ja, maakt u zich geen zorgen.’ Op de pizza was verder niet veel aan te merken, maar we bleven die avond de enige bezoekers. Ten slotte vroeg de ober of we nog iets toe wilden. Anna en ik bestelden een espresso. Rob dacht even na en zei toen ‘Doet u mij maar een cappuccino.’ Er viel een akelige stilte. De man verstijfde en verbleekte en keek ons met wijd opengesperde ogen aan. Als Rob hem had gevraagd of hij even zijn broek zou kunnen uittrekken, had hij daarop welwillender gereageerd. Anna keek eerst naar de ober, toen naar Rob. Met een geamuseerd glimlachje vroeg ze: ‘Wil je er misschien een croissantje bij?’ Rob bleef onbewogen en antwoordde: ‘Nee dank je.’ Later op de avond moest Anna het ons uitleggen. Er zijn bepaalde dingen die je in Italië niet doet. Je doet geen zout bij de spaghetti als die al op je bord ligt. Je doet geen geraspte kaas over een visgerecht en je bestelt in een restaurant NOOIT na de maaltijd een cappuccino.

Bron: het boek Lekkerissimo, Uitgeverij Contact

Het zuiden van Italië roept nog altijd de associatie op met maffia en armoede. Dit beeld wil ik graag genuanceerder zien. Zuid-Italië is een schitterend gebied met prachtige natuur, kunst en cultuur. Ik houd me bezig met de 5 meest zuidelijke provincies, Campanië, Molise, Apulië, Basilicata en Calabrië en de eilanden. Op mijn 17e ging ik voor het eerst naar Zuid-Italië. Het was liefde op het eerste gezicht net zoals dit een jaar later gebeurde toen ik mijn echtgenoot leerde kennen in Calabrië. Ontelbare keren ben ik in het Zuiden geweest en ik heb een tijd bij mijn schoonouders ingewoond. De artikelen die ik schrijf gaan over de cultuurverschillen die mij zijn opgevallen, op een ietwat ironische wijze beschreven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *