eilanden/ le isole

Mamma Sicilia

Naamloos

Van 2007 tot 2012 schreef Pieter Beek voor maandblad Zuiderlucht de rubriek Sicilaanse notities over het eiland waar hij bijna vier jaar woonde. Over de hiërarchie bij de olieperserij, zijn blonde bioscoopdroom Monica Vitti, de olijvenoogst, de zwerfhonden Bruno en Biancha, en over de heimwee die hem teisterde toen hij terug was in Nederland. De gebundelde columns verschenen nu als Mamma Sicilia bij uitgeverij Bodosz.

Lees hieronder een verhaal uit het boek:

Olijfolie

Op een zaterdagochtend in november togen we voor dag en dauw naar de olieperserij (‘oleificio’ is het prachtige Italiaanse woord daarvoor) van Rossolini. Het zag er al zwart van de boeren en vooral van de grote bakken olijven. Ik schreef me in bij een mevrouw, betaalde vijftig euro en wachtte keurig op mijn beurt. Bij het lezen van een groot bord met de melding dat partijen van minder dan 300 kilo niet geperst zouden worden, ging ik me wat ongemakkelijk voelen. Maar Corrado stelde me gerust: ‘Dat stelt niks voor. Daar houden ze zich hier niet aan.’

Daarna heb ik hem urenlang niet meer gezien. Niet toen ik na zes uren wachten eens ging vragen wanneer ik eigenlijk aan de beurt was (‘Och meneer, uw naam was zo moeilijk te schrijven, dus ik heb helemaal vergeten hem op de lijst te zetten’), niet toen de boeren begonnen te morren op het moment dat mijn naam uiteindelijk toch tussen andere namen werd ingevoerd, niet toen mijn olijven gewogen werden en er niet meer dan 255 kilo in de bak bleek te zitten, niet toen ik vervolgens hele discussies moest voeren om mijn olijven toch geperst te krijgen. ‘Probeer maar 45 kilo van iemand anders te kopen’, zei de mevrouw van de perserij. Maar niemand wilde verkopen. Zij: ‘Dan moet je de prijs betalen van een persing van 300 kilo en dat is 35 euro’. Dat deed ik maar, in de veronderstelling dat ik uit 255 kilo olijven ongeveer 25 liter prachtige olijfolie zou krijgen.

Pas toen bleek dat er maar twaalf liter olijfolie uit die 255 kilo olijven kwam, dook Corrado weer op. ‘Ze hebben de zaak geflest en olie achter gehouden’, zei hij. ‘Dat durven ze bij die grote jongens met duizenden kilo’s olijven niet te doen. We komen hier nooit meer terug!’

En ik? Ik ben op een van de boeren afgestapt die net klaar was met persen. Ik kocht bij hem voor 125 euro een kan van 25 liter, gaf de helft aan Corrado (het loon van de plukker) en reed bij invallende duisternis naar huis. Natuurlijk mag hij eind van dit jaar weer de olijven komen plukken, want we houden van onze Corrado.

Want zeg nou zelf, wie kan er ondanks deze kleine tegenvaller zeggen: we koken met onze eigen olijfolie, we trekken sliertjes eigen olijfolie over ons brood, we besprenkelen de sla met onze eigen olijfolie en we doen af en toe een litertje eigen olijfolie cadeau aan vrienden? Wij, wij kunnen dat zeggen. Heerlijk!

Pieter Beek: Mamma Sicilia. Met tekeningen van Guus van Eck. Uitgeverij Bodosz, Maastricht 2014, ISBN 9789082313109.

Mamma Sicilia is te bestellen bij maandblad Zuiderlucht voor € 16 euro inclusief verzendkosten. Mail naar info@zuiderlucht.eu onder vermelding van uw naam en adres en het gewenste aantal boeken.

Het zuiden van Italië roept nog altijd de associatie op met maffia en armoede. Dit beeld wil ik graag genuanceerder zien. Zuid-Italië is een schitterend gebied met prachtige natuur, kunst en cultuur. Ik houd me bezig met de 5 meest zuidelijke provincies, Campanië, Molise, Apulië, Basilicata en Calabrië en de eilanden. Op mijn 17e ging ik voor het eerst naar Zuid-Italië. Het was liefde op het eerste gezicht net zoals dit een jaar later gebeurde toen ik mijn echtgenoot leerde kennen in Calabrië. Ontelbare keren ben ik in het Zuiden geweest en ik heb een tijd bij mijn schoonouders ingewoond. De artikelen die ik schrijf gaan over de cultuurverschillen die mij zijn opgevallen, op een ietwat ironische wijze beschreven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *